Plantenlijst van De Historische Groentenhof
in alfabetische volgorde met allerlei wetenswaardigheden, oude verzen, anecdotes of andere meldenswaardige feiten.
fotobalk
knop naar homepagina A B C D E F G H I J K L M N P Q R S T U V W X Y Z  
 

Zo lekker en zo onbekend. De knolletjes hebben een nootachtige smaak.

plaatje aardamandelen

Aardamandel (Cyperus esculentus; Earth almond)
Smaak: zo lekker en zo onbekend. De knolletjes hebben een nootachtige smaak. Op zich niet vreemd, de pinda groeit immers ook ondergronds. Rauw en vers geoogst een delicatesse. In de roerbakschotel geven ze een heerlijk notige- of kastanje achtige smaak. Je kunt er ook een melkachtige drank van maken die naar noten smaakt.
Teelt
: Zaaien in april tot juli en oogsten augustus tot oktober. Voorzaaien in een zaaibedje, bijvoorbeeld onder plastic. De kweek is een geduldig werkje, maar heeft u eenmaal gezonde plantjes van deze grasachtige, dan groeit 'ie flink. De planten zijn nauwlijks winterhard en voor een snelle groeistart het volgende jaar: enkele knolletjes vorstvrij in zand bewaren. De kleine bruinige vroeg geoogste knolletjes lijken na enig bewaren op krenten. Wetenswaardigheden: .

De aardpeer is prima geschikt voor een smakelijke puree of als fritters in de frituur te doen (schijfjes).plaatje aarpeer

 

Aardpeer of Topinamboer (Helianthus tuberosis; Jerusalem artisjok)
Smaak: de smaak van de knol is lichtzoet en heeft iets weg van een artisjok. Op het gebied van 'standing' kan je de artisjok en aardpeer toch moeilijk met elkaar verwarren. Terwijl aardpeer lijkt aangetast door artritis en marktkramers ze uit schaamte in een klein hoekje van het uitstalraam wegmoffelen, wordt artisjok algemeen als een van de edelste (en duurste) groentensoorten beschouwd. Misleidend, zo blijkt, want de smaak van aardpeer is werkelijk voortreffelijk. Gekookt, gebakken of gestoofd is de smaak te vergelijken met schorseneer en artisjok. De vroege oogst is rauw ook heel lekker, knapperig en zoet.
In de keuken: jonge aardpeer (oktoberoogst) kan met schil en al gegeten worden, schoonboenen en wassen is dan voldoende. De kooktijd is 5-10 minuten, afhankelijk van de grootte van de knol. Kook aardperen niet langer dan nodig is, want dan worden ze slap en week. Voeg citroensap toe aan het water van de geschilde aardperen om bruinverkleuring te voorkomen. De knol heeft een hoog ijzergehalte. De aardpeer is prima geschikt voor een smakelijke puree of als fritters in de frituur (schijfjes). Aardpeer is door zijn volle grondsmaak lekker bij riviervis en wild. Aardpeer wordt ook verwerkt tot fluweelzachte soepen. Nu enkele recepten:
# AARDPEER MET HAZELNOOT
Ingrediënten: 6 tal aardperen, 1 ui, 2 el olijfolie, gehakte hazelnoten
Bereiding: Snipper de ui en stoof deze in de olijfolie. Schrob de aardperen met de groentenborstel en snij deze in schijfjes van ongeveer 1cm. De schil mag eraan blijven. Voeg de aardperen bij de ui. Voeg ook een bodempje water toe. Laat zachtjes gaarstoven. Indien gewenst, kan je de gehakte hazelnoten toevoegen.
# KRUIDIGE AARDPEER
Ongrediënten: 500 gr aardpeer, 1 teentje knoflook, 1 ui, 2 eetl zonnebloemolie, 3 eetl tomatenpuree, 2 dl water, 2 theel oregano, 2 theel lavas, 1 eetl tamari.
Bereiding: Snijd de topinamboer in plakken van 1 cm dik. Hak de ui en knoflook en fruit in de olie. Voeg de topinamboer toe en laat nog een paar minuten sudderen. Roer af en toe om. Voeg nu tomatenpuree, water, kruiden en tamari toe. Meng alles goed en laat zachtjes in een kwartiertje tijd gaar koken. Opdienen bestrooid met fijngehakte peterselie.
Gezondheid: de knollen zijn voedzaam, ze bevatten veel eiwit, nl. 1.7%. De aardpeer is licht verteerbaar. De knol slaat geen suiker op, maar in plaats daarvan "inuline". Deze suiker is goed voor diabetici (mensen met suikerziekte). Inuline wordt zelfs helemaal niet verteerd als zetmeel maar eerder gefermenteerd tot voor de dikdarm nuttige zuren die ook de darmflora gunstig beïnvloeden. Daar ligt dan vooral de gunstige werking zowel voor suiker- als niet suikerzieke personen. Daarnaast bevat aardpeer ook nog biotin (een vitamine), calcuim, cilicium, ijzer en natrium (mineralen). De groente dus ook een weldadig effect op reuma, jicht en verstopping.
Teelt:
deze oersterke groente is winterhard, dus zet de knollen aan de rand van uw tuin. De plant wordt wel twee meter hoog, gebruik ze dus als windscherm maar let ook op de schaduwwerking. In het najaar oogst u de smakelijke knollen. Plantafstand 75x30 cm.

Wetenswaardigheden: De aardpeer ofwel topinamboer is de eetbare knol van de Helianthus tuberosus. In Frankrijk noemt men de knokelige dingetjes topinambour, in Engeland tracht men ze wat grandeur te verlenen met de naam Jerusalem artichoc. Bij boerderijen zijn de gele zonnebloem-achtige bloemen gangbaar als erfafscheiding. Boeren noemen het ook wel "Russische aardappelen". Een volgende en logische stap die de calculerende agrariër zet, is het verwerken van de knol tot veevoer. Maar ook voor lekkerbekken is het bekende kost, verkrijgbaar op de biologische markt, via het groentekistje of de moestuin. Een knol met een rijke en lange geschiedenis. Om het hier kort te houden: volgens The Oxford Companion To Food zou de alternatieve naam Jerusalem artichoke kunnen dateren uit 1616, toen de knol vanuit Terneuzen (!) overwaaide naar Engeland. Nu we het toch over waaien hebben nóg even wat small talk over een eigenschap van de topinamboer waar de liefhebber, die een flink maaltje achter de kiezen heeft, mee vertrouwd is: de knol bevat inuline, een zetmeelachtige stof die onverteerbaar is. Dit veroorzaakt volgens de Companion "a filthy loathsome stinking wind within the body, thereby causing the belly to be pained and tormented, and are a meat more fit for swine than men". Nou, nou, zo erg is het ook weer niet, behalve dat eerste.

De bloemknoppen zijn zilvergroen tot violet gekleurd. We telen een groene en violette artisjok.
plaatje artisjokken

Artisjok (Cynara scolmylus; Artichoke)
Smaak: hoe smaakt een artisjok? Het is een lichtzure romige smaak. De smaak van deze koningin der groenten is niet te beschrijven. Het is net als oesters, asperges of kaviaar, je moet het geproefd hebben. Het is ook een sociaal-culinaire plant: het eten ervan is een sociaal spel. Meer weten wat we bedoelen? Vraag het ons.
Teelt
: Zaaien in februari tot maart onder glas, verspenen in pot, uitplanten. Oogsten in juli tot oktober. De artisjok groeit het beste in goed bemeste vochtige grond. Is winterhard, maar overwinteren met wat stro op de wortels is beter. De oogst bestaat uit een bloemknop van de 1,20 tot 1,80 meter hoge distelachtige plant. De bloemknoppen zijn zilvergroen tot violet gekleurd. We telen een groene en violette artisjok alsook een hybride voor de zeer snelle éénjarige teelt.

Wetenswaardigheden: De artisjok bevat veel vitamine A1, B1, B2 en C.

HISTORISCHE AARDAPPELS

3 aardappelen

 

 

 

 

 

 

 

 

Belle de Fontenay
belle

 

 

 

 

Pink Fir
plaatje pink fir

 

Ratte d' Ardeche
plaatje ratte

 

 

 

Vitelotte Noir
voor velen de koningin onder de aardappelsoorten! Warm en afgekoeld een delicatesse négresse

plaatje aardappel

 

Arran Consul
plaatje arran consul

 

 

 

 

 

Kerrs Pinkplaatje kersspink

 

 

 

 

 

 

Roseval
plaatje roseval

HISTORISCHE AARDAPPELS voor de fijnpoever (Solanum tubersum)
"Die aardappels halen het niet bij vroeger". Kent u die verzuchting? Als het om die oude vergeten soortjes gaat hebben we goed nieuws voor u: ze zijn er weer. Bekijk ons assortiment historische aardappels eens en ga op culinaire ontdekkingstocht door ze eens zelf te telen. U kunt natuurlijk het nuttige en het aangename combineren en een dagtochtje naar Limburg maken en in onze Culinaire Proeftuin de 25 soorten historische of bijzondere aardappels komen bekijken en ze proeven!

1. Opperdoezer Ronde (1860)
Opperdoezer Ronde is een uniek ras dat alleen goed wil gedijen op wat hoog gelegen, lichte zavelgrond rondom Opperdoes. De 150 hectare aardappelland rondom dit West-Friese dorp is de enige plaats ter wereld waar deze vroege aardappel (oogst in mei van de teelt onder plastic) geteeld wordt. De 70 telers in Opperdoes rooien hun aardappelen nog op de ambachtelijke manier: met de hand. Voor eind september zijn alle Opperdoezer Rondes uit de grond, waarna zij via de veiling hun weg vinden naar de supermarkten. Puur natuur en overheerlijk!l. De tuinier Sluis ontwikkelde lang geleden de zogeheten "Negenwekers", vroege aardappels die al na negen weken na poten geoogst konden worden. Op een dag vond Sluis tussen een perceel "Negenwekers" een plant met ronde knollen. Dat was bijzonder, want rond 1850 waren de meeste aardappels langwerpig van vorm, ook wel "muisjes" genoemd. Hieruit is de legendarische Opperdoezer Ronde ontstaan. De Opperdoezer Ronde is door de Stichting die de commerciële belangen van deze legendarische aardappel behartigd ter beschikking gesteld aan De Historische Groentehof. niet verkrijgaar als pootgoed, wel te zien in De Historische Groentehof.

2. Belle de Fontenay of Hainaut of Bouilangerie (1885).
Een klassieke Franse salade aardappel met een gladdere schil dan de Pink Fir en Ratte, kleiner en langwerpig van vorm. De knol is geel en wasachtig. De smaak is zowel warm als koud overheerlijk! Bij droge zomer: water geven.

3. Dunbar Rover (1936)
Een zeer zeldzaam geworden ras. Weer herontdekt vanwege de ideale kook- en smaakkwaliteit. De beroemde kweker Spence uit Dunbar behaalde direct na het jaar na introductie een gouden medaille voor dit ras. Vrij vroeg, ovaal tot rond, gele schil.

4. Edzell Bleu (voor 1915)
Een zeldzaam rasje van onbekende afkomst. De bijzondere blauw-purperen schil valt op. Lekker bloemig rasje, die met enige zorg moet worden gekookt.

5. Pink Fir Apple of Rosa Tannenzapfen of Cornes des Gattes (voor 1850)
Waarschijnlijk het oudste nog bekende ras, deze heeft de Victoriaanse tijd nog meegemaakt! Meteen valt de langwerpige vorm op, als een langwerpige spar-appel. De blossig rose kleur doet het goed in de oogstmand. De heerlijke smaak en het wasachtige mondgevoel komt het best tot zijn recht bij consumptie binnen 3 maanden. Afgekoeld in salades is de smaak zo mogelijk nog beter.

6. Ratte d'Ardeche of Asparges (1872)
We noemen ze hier 'Buggenummer Muuskes'. 't zijn net ratteruggetjes, deze bijzondere en zeer smakelijk soort. Minder diepliggende ogen, geler van schil en vroeger oogstbaar dan de Pink Fir. Qua smaak goed te vergelijken. Ideaal voor exlusieve salades. De schil is dun en heeft een nootachtige smaak: dus niet schillen en in de schil verorberen. Een ware lekkernij!

7. Sharpe's Expresse (1901)
Een oud klei-aardappeltje met spits toelopende peervorm. Charles Sharpe ontwikkelde dit vroege ras. De knollen zijn bijzonder licht van schilkleur. Het ras is nooit echt doorgebroken, maar wordt wel vanwege de zeer goede smaak in stand gehouden.

8. Vitelotte Noir of Négresse
Voor velen de koningin onder de aardappelsoorten! Wel eens zwarte aardappels gegeten. Nou ja, donkerviolet (schilkleur is beter getypeerd, de binnenkant (knolvlees) is iets lichter violet en mooi geaderd. Langwerpig smal als een kort ogende winterpeen met diepliggende ogen: het lijkt wel een truffel. Kook ze met schil en pel ze daarna. Warm en afgekoeld een delicatesse négresse...

9. Arran Consul (1925)
Dit ras is ontwikkeld door de bekende Schotse kweker D. Mackelvie. De Engelsen zeggen van dit ras: "The potato that helped win the war"! Door zijn extreem goede bewaareigenschappen werd de oogst van "Arran Consul" achtergehouden tot het eind van het seizoen, zodat in de schrale oorlogslentes er toch nog aardappels waren... Een ras voor zand en klei met ovalen, witschillige knollen. Prima kookkwaliteit.

10. Arran Victory (1918)
Opvallend mooi, met z'n lichtblauwe purperen schil en contrasterend wit knolvlees. Dit late ras is zeer smakelijk en geeft een hoge opbrengst. Aardappel veredelaars grijpen nog wel eens terug op dit ras vanwege de opmerkelijke roestresistentie.

11. King Edward VII (1902)
Eerst leek dit ras onder de naam "Fellside Hero" een misser, maar de derde eigenaar (john Butler) bracht hem tot een verdiende hoogte: een topras! Een halve eeuw heeft Engeland van deze smaaktopper gesmuld. Bij een droog seizoen krijgt u de prachtige roze bloei te zien. De knollen zijn overigens ook mooi: vrij langovaal, geel met roos uiteinde en rode vlekken.

12. Kerrs Pink (1917)
Een ras voor elke grond, kan tegen droogte en nattigheid.De prachtige bruinroze getinte aardappel geeft een goede oogst en is een sieraad in de oogstmand. Een verfijnde smaak.

13. Majestic (1911)
Een kweektriomf van Archibald Findlay, er zijn tijden geweest dat meer dan de helft van het aardappel-areaal werd ingenomen door dit ras. Hij is redelijk vroeg, groeit op zand en klei. De smaak, opbrengst en betrouwbaarheid zijn (zeker voor dit oud ras) zo goed, dat het Engeland door twee oorlogen heen heeft geholpen… de ietwat ruwige, witte schil omhult een flinke lang ovalen knol.

14. Catriona (1920)
Een zeldzaam geworden ras met ovalen vorm. De creme-witte schil is royaal purper gevlekt rond de ogen: decoratief! De goede, sterke smaak komt het best tot zijn recht na directe consumptie. De bakkwaliteit is uitmuntend. Midden vroeg oogstklaar.

15. Roseval (1950)
Een typisch ras, met langovalen donkerrode knollen. Deze smaak is iets minder sterk dan de "ratte" en net zo stevig wasachtig van structuur. Een ras voor elke grond, kan tegen droogte en nattigheid.

16. Charlotte (1981)
De reden dat we een relatief nieuw ras opnemen is dat de Charlotte de moderne Roseval wordt genoemd. En.... de Roseval (1950) is door misoogsten in de pootgoedsector wereldwijd lastig verkrijgbaar.

17. Epicure (1897)
James Clarke legde de basis voor dit rasje. Nog steeds wordt dit ras geteeld vanwege het goede herstel na de vorst, een must voor dit zeer vroege primeurtype. De ronde gele knollen hebben diepliggende ogen, net als de Opperdoezer ronde, en kook deze dus met schil. Deze aardappel is zeer bloemig.

18. Shetland Bleu (black) (1900)
Deze aardappel is middelvroeg tot laat en is net zoals de meeste blauwe aardappeltjes een must voor de liefhebber van bloemige aardappels. De aardappel is violet van schil en als je hem doorsnijdt zie je geel vlees met een paarse ring.niet verkrijgaar als pootgoed, wel te zien in De Historische Groentehof.

19. Ackersegen (1935 )
Een Duitse aardappel die op vrijwel alle grondsoorten goed opbrengsten gaf. In 1950 was in Duitsland circa 60% van het aardappelareaal met deze aardappel beplant, dus inderdaad een "zegen voor de akker". De aardappel heeft een gele schil en geel vruchtvlees en is vastkokend. Teelttechnisch is het een behoorlijk resistente aardappel tegen allerlei ziekten en vrij laat. niet verkrijgaar als pootgoed, wel te zien in De Historische Groentehof.

20. Eigenheimer (1893)
De historie vertelt dat dhr. G. Veenhuizen de kweker van dit bijzondere ras is. Voor de liefhebbers van bloemige types na meer dan een eeuw nog steeds een aanrader. Opvallend goede opbrengst voor een 'oudje', doet het vooral goed op de klei. Vrij vroege consumptieaardappel met lichtgeel- tot geelvlezige, ovale, middendiepogige knollen. Zeer goed van smaak en zuiver van kleur.

21. Rode star (1909)
Late consumptieaardappel met roodschillige, geelvlezige, rondovale, midden diepogige knollen; veel kriel. Opbrengst middelmatig tot vrij goed, drogestofgehalte hoog. Consumptiekwaliteit zeer goed, vitamine B1-gehalte hoog. Vrij weinig vatbaar voor Phytophthora in oof en knol.
niet verkrijgaar als pootgoed, wel te zien in De Historische Groentehof.

22. Irene (1953)
Los in de kook, een typisch voorbeeld van een kruimige, bloemige aardappel. Voor klei en zand. Een prachtige rood-schillige variant. Vrij late consumptieaardappel met roodschillige, geelvlezige, ronde, vrij vlakogige knollen. Weinig gevoelig voor stootblauw en rooibeschadiging. Vrij weinig vatbaar voor Phytophthora in het loof en middelmatig in de knol.

23. Bea (1954)
Het ras Bea is een vroege consumptieaardappel met lichtgeelvlezige, lange, iets gebogen, zeer vlakogige knollen. De schil is mooi glad. Opbrengst vrij goed tot goed, drogestofgehalte vrij laag. Kooktype is vast in de kook en iets melig, zuiver van kleur. Sterk vatbaar voor Phytophthora in het loof en extreem vatbaar in de knol. Middelmatig vatbaar voor bladrol en vrij weinig voor Y-virus. Vormt geen bessen.niet verkrijgaar als pootgoed, wel te zien in De Historische Groentehof.

24. Rosa (1935)
Halflate tot late vastkokende aardappel. De tongvormige knollen hebben een rode schil en geel vruchtvlees. Rosa is weinig gevoelig voor glazigheid en stootblauw. Geschikt voor salades, ragouts, om te stomen of te bakken Het ideaal van de "echte patat smaak": gebakken in de schil. Regionaal ook bekend als: Ossetong, Plate de Florenville of Bec de Florenville (Wallonië). Prima bewaaraardappel.
Fn hebben een rode schil en geel vruchtvlees. niet verkrijgaar als pootgoed, wel te zien in De Historische Groentehof.

25. Desiree (1962)
Desiree werd in 1962 in Leeuwarden geboren. Haar huid is rood en ze heeft een gave mooie gladde huid, maar isnet iets lichter dan de mooie Roseval. Zij is een middelvroege en stevige dame (vastkokend). niet verkrijgaar als pootgoed, wel te zien in De Historische Groentehof.

Alle aardappelrassen zijn te zien (en te proeven) in onze Culinaire Proeftuinen.